Bekijk profielpagina

Op de Uitkijk - Editie #4 Treinreizigers

Revue
 
 

Op de Uitkijk

20 februari · Editie #4 · Bekijk online
Sjoerd Zijlstra’s column over de mens in zijn natuurlijke habitat.

Treinreizigers
Mensen verplaatsen zich graag. Op de één of andere manier zijn de zaken waar ze mee bezig zijn altijd vele kilometers van hun eigen nest verwijderd. Dit is redelijk onhandig. Nu zijn er gelukkig genoeg mensen die in oplossingen denken en daarmee schitterende dingen bedacht hebben om ons met z’n allen, elke dag, door het hele land heen en weer te slingeren.
Schitterende stalen dingen bijvoorbeeld. Razend door groene weilanden waar grazende koeien en broedende vogels zich op het oog niet storen aan het gele geweld dat dagelijks door hun huizen dendert. Langs slootjes en molens brengen deze gevaartes de mens naar stedelijke graffiti jungles waar menig artiest met zijn spuitbus uitschiet om zijn gestileerde handtekening samen met de mensen door het land te laten reizen.
Het begint allemaal op verschillende chaotische verbindingspunten in het land waar mensen aan het begin en eind van de dag samenscholen. Het overgrote deel van de mensen krioelt er rond met een haastige of verwarde uitdrukking op het gezicht. Blikken schieten heen en weer van horloges naar informatieborden en van koffievlekken en saucijzenbroodjes weer teug naar de horloges. Niemand lijkt er echt op zijn gemak. Er klinkt voortdurend een geluid dat overeenkomsten heeft met een vrouwenstem. Op robotachtige wijze herhaalt dit wezen boodschappen om mensen duidelijk te maken dat het toch allemaal anders loopt dan op de borden is weergegeven. Dit voedt de verwarring onder de toch al onzekere reizigers en levert dagelijks creatieve vormen van gevloek en hopeloos gejammer op.
Natuurlijk moet er ook betaald worden voor deze unieke manier van reizen. Nu blijkt dat dit niet voor alle reizigers vanzelfsprekend is en daarom lopen er honderden mensen in blauwe pakjes met ouderwetse hoedjes en fluitjes rond om iedereen te controleren. Nog niet heel lang geleden zijn er ook overal klaphekken neergezet. Om de paar seconden bliepen de hekken open en schieten de mensen er, op volgorde van hoeveelheid haast, als prijswinnende racepaarden doorheen.
Op het perron aangekomen vervolgt het schouwspel zich. Mensen die normaal nooit rennen, weten hier opeens hun zesde versnelling te vinden. Op hakken, in pakken, met jassen en afgeremd door de meest oncomfortabele tassen zetten ze zichzelf in beweging. Met iets dat lijkt op sprinten komen ze zwetend zuchtend en half struikelend aan bij de net voor hun neus dichtslaande deuren. Of ze springen als James Bond met gevaar voor eigen leven naar binnen waarna de triomfantelijke tevredenheid onverbergbaar van hun gezichten af te lezen is.
Eenmaal binnen dompelen de mensen zich in een oase van onnatuurlijke rust. Stoïcijns staart iedereen door het raam of door een beeldscherm een andere wereld in. Mentaal vluchtend uit de trein waar iedereen zo knus bijeen zit, dat elkaar aanraken, ruiken en ongemakkelijk aankijken onvermijdelijk is. Knietjes schuren liefelijk langs elkaar als de trein het station uit hobbelt. Er hangt een gigantische potentie voor gezelligheid. Alleen ligt het er kennelijk zo dik bovenop dat niemand een woord tegen elkaar durft te zeggen. Ik kan geen andere plek bedenken waar je zo lang, zo dicht op elkaar zit te zwijgen totdat het over is. Af en toe wordt de stilte doorbroken door een beller. Iemand die op hoger dan gemiddeld volume zijn levensverhaal door een telefoon heem schalt terwijl 30 medereizigers ademloos meeluisteren. Verhalen die soms zo op de details ingaan dat het lijkt of de interviewer aan de andere kant het erom doet. Het verhaal eindigt met ‘ik zie je zo’ en de rust keert terug in de wagon.
Zwijgend en verzonken in gedachten over de dag die was of komen gaat, kijkt iedereen schaapachtig langs elkaar heen. Als er één plek is waar mensen niet in het nu leven, dan is het in de trein. Wellicht kunnen mensen zich niet elke dag verdiepen in de levens van soortgenoten die ze maar één keer zien. Of misschien zijn ze te uitgeblust om zich over te geven aan gezelligheid. ‘Beste mensen, het volgende station is Amsterdam Centraal.’ Tot snel. Tot woensdag!
De mens gedraagt zich lief en mallotig en ik sta Op de Uitkijk.
Ken jij treinreizigers? Deel de column via de mail of via onderstaande buttons!
Hoe vond je deze editie?
Als je deze nieuwsbrief niet meer wilt ontvangen, dan kun je je hier afmelden.
Als deze nieuwsbrief doorgestuurd is en je wilt je aanmelden, klik dan hier.
Gemaakt door Sjoerd Zijlstra met Revue.
www.opdeuitkijk.nl